Toernooiregels schaaktoernooi
- Gespeeld wordt volgens het FIDE schaakreglement voor rapidschaak (15 minuten per persoon per partij). Dit houdt o.a. in:
- Aanraken is zetten;
- Een onreglementaire zet moet worden teruggenomen.
- De spelers moeten vòòr de partij checken of de opstelling van de stukken correct is en de klok functioneert.
- Indrukken van de klok geschiedt met de hand waarmee de zet is uitgevoerd.
- De zwartspeler bepaalt aan het begin van de partij aan welke kant de klok komt te staan.
- Een partij is gewonnen door de speler:
- Die de koning van zijn tegenstander heeft mat gezet;
- Wiens tegenstander verklaart dat hij of zij opgeeft;
- Die constateert dat de vlag van de tegenstander is gevallen voordat de partij op andere wijze is geëindigd.
- ‘Aanraken is spelen, loslaten is zetten.’
- In geval van een geschil mag een speler de klok stilzetten om de wedstrijdleider te raadplegen.
- Een partij is remise indien:
- Een koning pat is gezet;
- De spelers dit overeenkomen;
- Een der spelers eeuwig schaak kan aantonen;
- Beide spelers onvoldoende materiaal hebben om de koning van de tegenstander mat te zetten;
- Eén der vlaggen is gevallen en de tegenstander geen matpotentieel meer heeft;
- Beide vlaggen zijn gevallen alvorens een der spelers de winst door tijdsoverschrijding opeist.
- In gevallen waarin door dit reglement niet is voorzien beslist de wedstrijdleider. Deze beslissing is bindend.
- Bij gelijk eindigen worden geldprijzen gedeeld.
- Bij gelijk eindigen op de eerste plaats van twee of meer spelers beslissen eerst de onderlinge resultaten, daarna de Sonneborn Berger-punten en daarna de weerstandspunten.
Terug…